Vincent van Gogh wordt altijd geassocieerd met kleur vanwege de heldere en levendige schilderijen uit zijn Franse periode. Zijn vroege, Nederlandse werk wordt daarentegen nooit als kleurrijk beschouwd. Dit is echter niet terecht. Kleur is een essentieel en constant element in Van Goghs gehele oeuvre. Misschien lijken de donkere schilderijen uit Nuenen (Holland) en de lichte, heldere werken uit Frankrijk ver van elkaar verwijderd, toch komen zij voort uit dezelfde kleurtheorie.
.
.
In 1884 kwam Vincent van Gogh in aanraking met de kleurtheorieën van Charles Blanc. Diens boek (Grammaire des arts) heeft een belangrijke rol gespeeld in het kleurgebruik van Van Gogh. Blanc gaf zijn theorie weer in een duidelijk overzicht, waarin de complementaire kleuren een sleutelrol spelen. Dit zijn de kleuren die zich tegenover elkaar op de kleurencirkel bevinden en die elkaar versterken wanneer zij naast elkaar geplaatst worden (rood-groen, blauw-oranje, paars-geel). In Nuenen begon Van Gogh met deze kleurcontrasten te experimenteren.
Door wat hij had gelezen in het werk van Blanc had Van Gogh grote bewondering voor het kleurgebruik van Delacroix. Hij wist dat kleurengradaties relatief zijn en dat een donkere kleur lichter lijkt als de kleuren eromheen donkerder zijn. Dit principe werkt als je heldere kleuren gebruikt, zoals Delacroix deed. Maar Van Gogh paste deze kleurtheorie toe met gematigde (gemengde) kleuren, zoals gebruikt door schilders van de Haagse School.
.
Dit besef dat gradaties van kleur altijd beïnvloed worden door hun omgeving inspireerde Van Gogh gedurende zijn gehele periode in Nuenen. In een van zijn brieven demonstreerde hij dit principe in een schets van een wever.
In de marge bracht hij twee stippen aan, die het wit van de garenstreng in de studie representeren. De toon verschilt echter voor het oog: de grijze stip drukt het wit in het licht uit, terwijl de andere stip hetzelfde wit voorstelt onder invloed van de omringende schaduw – en dus veel donkerder van toon is.
.
Van Gogh realiseerde zich niet dat bepaalde kleuren als geel en oranje hun kracht verliezen als zij worden aangebracht (gemixt) met donkere tonen. Als hij het werk van Delacroix had kunnen aanschouwen in een kleurenreproductie, of zelfs in het echt, zou hij zich hebben gerealiseerd dat hij het verkeerde pad was ingeslagen!




